Historie


Op een koude winternacht, zo’n 70 jaar geleden, reed Barend Vieveen, behalve timmerman aan de toenmalige TH in Delft, ook een begenadigd cymbalist en violist, op z’n fiets naar huis. Hij zag een fiets met een slag in het wiel op straat liggen en toen hij het talud inkeek lag daar beneden een jongeman, H.J. Ankersmit. Hij had het verkozen zijn roes onder de sterren uit te slapen. Z’n vioolkist hield hij als een deken op z’n borst. Terwijl Barend Vieveen de jongeman naar huis bracht raakten ze aan de praat en niet veel later was Pipacs een levendig orkest. Twintig jaar lang was Barend Vieveen vaste kracht in Pipacs, vandaar dat Pipacs zich “Bárend Bácsi Banda”, de band van Ome Barend, noemt.
Gedurende het bestaan van Pipacs is de bezetting veranderd en verjongd, echter de kwaliteit is door contacten met professionele zigeunermuzikanten, waaronder Gregor Serban, Sandor “Buffo” Rigo, Tata Mirando en Boros Mátyás, hetzelfde gebleven, zo niet verbeterd. Iedere week wordt er door de huidige bezetting gerepeteerd om zo de ritmes strak te houden en de vioolsolo’s zuiver. Het repertoire varieert van snel Roemeens en Jiddisch tot een meeslepende Hongaarse doina. Na een avond met veel muziek en plezier is het orkest gereed voor het komende optreden.